Warmtenet
Impact Klimaatakkoord op warmtesector

Impact Klimaatakkoord op warmtesector

26 juli 2019

De Nederlandse Minister van Economische Zaken en Klimaat heeft 28 juni het Klimaatakkoord gepresenteerd. Het afgelopen jaar werkten meer dan 100 partijen aan dit akkoord, waaronder ook leden van Stichting Warmtenetwerk. Warmtenetten zijn een belangrijk onderdeel van het akkoord, vooral in het onderdeel gebouwde omgeving.

Het Klimaatakkoord zet in op een verduurzaming van alle bestaande Nederlandse gebouwen in 2050; 7 miljoen huizen en 1 miljoen gebouwen. In 2030 moet al 20% van deze gebouwen verduurzaamd zijn. Het Klimaatakkoord heeft daarom als doel om 50.000 woningen per jaar te verduurzamen voor 2021. Dat tempo moet in 2030 opgelopen zijn naar 200.000 woningen per jaar. Daarbij wordt veel verwacht van de wijkgerichte aanpak. Die houdt in dat gemeenten wijk voor wijk aan de slag gaan met verduurzaming samen met bewoners en gebouweigenaren. Per wijk moet worden bekeken wat de beste aardgasvrije oplossing is.

Wijkgerichte aanpak
Volgens het Klimaatakkoord zijn vooral wijken van voor 1995 met dichte bebouwing en veel hoogbouw geschikt voor een warmtenet. Nieuwere ruimer opgezette wijken zouden meer baat hebben bij all-electric-oplossingen. De wijkgerichte aanpak houdt in dat wijken samen met lokale overheden de juiste afwegingen maken voor hun buurt en zelfs samen de mogelijke ingrepen in de wijk en de huizen organiseren en financieren. Hierdoor kunnen warmtebronnen of zonnepaneleninstallaties bijvoorbeeld in eigendom komen van bewonerscollectieven. Daarnaast zijn er mogelijkheden om de energievoorziening te koppelen aan andere uitdagingen. Als de straat toch open moet voor de aanleg van een warmtenet, kan de gemeente bijvoorbeeld ook meteen de riolering vervangen.

Financiering
Het Rijk ontwikkelt een warmtefonds met publieke en private middelen voor alle particuliere woningeigenaren en VvE’s. Het kabinet stelt hiervoor tot 2030 jaarlijks 50 tot 80 miljoen euro beschikbaar. Afhankelijk van hoe het aangevuld wordt met private middelen kan het fonds tot meer dan 1 miljard euro groeien. De energiebelasting wordt hervormd zodat er een sterkere prikkel voor verduurzaming ontstaat. Hiervoor wordt het energiebelastingtarief van de eerste schijf voor aardgas verhoogd met 4 cent per m­3 in 2020 en 1 cent per m3 per jaar in de zes jaren daarna. De opbrengsten van de maatregel worden teruggeven aan huishoudens door een verlaging van de energiebelasting op elektriciteit.

Duurzame warmte
Duurzame warmtebronnen worden regionaal in kaart gebracht. Hiervoor worden de landelijke gegevens over geo- en aquathermie aangevuld met regionaal bekende restwarmtebronnen. Lokaal worden ook de mogelijkheden van de overstap van aardgas naar duurzame warmte onderzocht met bewoners, gebouweigenaren en andere partijen in de omgeving. Voorafgaand leggen de gemeenten uiterlijk 2021 in de transitievisie warmte een realistisch tijdpad vast waarop wijken van het gas afgaan. Als dat voor 2030 is, leggen ze tegelijkertijd vast welk potentiele methode daarvoor het best geschikt is: all-electric, warmtenet of een andere bron. Op basis van deze informatie kunnen de betrokken partijen investeringsbeslissingen nemen. In de transitievisies is zoveel mogelijk rekening gehouden met de laagste maatschappelijke kosten voor de eindgebruiker. Per gemeente wordt een onafhankelijk regionaal energieloket opgericht. Deze kan een coördinerende rol hebben in de wijkgerichte aanpak.

Groei warmtenetten
Rollen, bevoegdheden en verantwoordelijkheden bij de aanleg en exploitatie van warmtenetten moeten duidelijker worden om de snelle uitbreiding ervan mogelijk te maken. Het Klimaatakkoord mikt op een groei naar 80.000 nieuwe warmenetaansluitingen per jaar in 2025, waarbij dit niveau in ieder geval wordt vastgehouden tot 2030. Hiermee hoopt het kabinet een CO2-reductie van 1 Megaton te realiseren in 2030. De warmtesector moet bovendien snel verduurzamen, zodat de CO2-intensiteit van de warmtenetten omlaag gaat naar 18,9 kg CO2/GJ. De eventuele onrendabele top die dit oplevert, wordt afgedekt door de overheid en de duurzame bronnen moeten gewaardeerd worden in relevante regelgeving. Geothermie, aquathermie, restwarmte, zonnewarmte, biomassa, power to heat en duurzame gassen zijn allemaal nodig om de duurzame doelstellingen te realiseren.

Subsidie en voorwaarden
De verbrede SDE wordt door de overheid samen met de warmtesector verder uitgewerkt. Hierbij wordt bepaald welke technieken in aanmerking komen voor subsidie om zo de onrendabele top van duurzame warmtebronnen te verkleinen. Voor de SDE in 2020 wordt een betere stimulering van geothermie onderzocht. De Rijksoverheid gaat onderzoeken onder welke voorwaarden restwarmte duurzaam gewaardeerd kan worden in BENG-regelgeving en CO2-reductierapportage. Daarnaast wordt naar de verlaging van temperatuur in de warmtenetten gekeken. Daarvoor is het nodig dat gebouweigenaren betere isolatie en afgiftesystemen in gebouwen realiseren.

Energiebelasting
De warmtesector en de Rijksoverheid bekijken gezamenlijk of de energiebelasting kan worden aangepast voor duurzaam opgewekte warmte. Samen onderzoeken ze ook of piekketels op een kosteneffectieve manier verduurzaamd kunnen worden bijvoorbeeld met behulp van biobrandstoffen, groen gas of groene stroom. Woningcorporaties en lokale overheden gaan aan de slag met effectieve bundeling van de warmtevraag ten behoeve van de ontwikkeling van duurzame warmtebronnen en -netten.

Innovatie
Het Masterplan Aardwarmte houdt in dat de geothermiesector zich inzet voor opschaling, kostenreductie, samenwerking met warmtebedrijven en verdere professionalisering. Ook voor aquathermie wordt een programma opgezet. Daarvoor is in 2019 de Green Deal Aquathermie ondertekend. Deze brengt de waarde van aquathermie in de warmtetransitie in beeld om zo de markt voor deze duurzame bron op gang te brengen en een grootschalige toepassing mogelijk te maken. Daarnaast is er op het gebied van innovatie aandacht voor het Heatstore-project voor hogetemperatuurseizoensopslag.

Voor meer informatie kunt u hier het gehele Klimaatakkoord downloaden.

Bron: www.warmtenetwerk.nl

Alle platformen van ODE

Zonne-energie Warmtenet Bio-energie Windenergie Warmtepomp